Autisme beleven in Zondagskind van Judith Visser (recensie)

Er bestaan heel wat boeken over mensen met autisme, over de kenmerken ervan en hoe je ermee omgaat. Ook zijn er tv-series met iemand met autisme in de hoofdrol, zoals The Good Doctor en The Bridge. Maar een roman waarin je daadwerkelijk voelt hoe het is om autisme te hebben, die kende ik nog niet. Nu wel.

Zondagskind van Judith Visser

Judith Visser - ZondagskindDe autobiografische roman Zondagskind van Judith Visser beschrijft het leven van Jasmijn Vink, een meisje dat opgroeit in een wereld die niet is afgestemd op mensen met autisme. Zodra Jasmijn naar school gaat en daarmee haar veilige thuishaven en beste vriendin Senta (haar hond) dagelijks verlaat, loopt ze tegen allerlei belemmeringen op. Ze heeft namelijk Asperger, een vorm van autisme.

Opeens zit Jasmijn gevangen in een klaslokaal, omringd door onbekende, luidruchtige kinderen die samen spelen en zich sociaal goed lijken te redden. Opeens wordt er verwacht dat ze met wildvreemden communiceert, iets wat ze simpelweg niet kan, en met anderen speelt terwijl ze liever in haar eentje een boek leest. Opeens wordt ze overspoeld door allerlei prikkels: de drukte van leeftijdsgenootjes, het continue gepraat en gejoel om haar heen, felle lampen die als bliksemschichten in haar ogen schijnen. Het is gewoon te veel, en Jasmijn wil het liefst ontsnappen uit de kooi die school heet.

Verlangen naar vrijheid

Het verlangen naar vrijheid loopt als een rode draad door Jasmijns leven. Het strenge stramien van lessen in een duf klaslokaal voelt als een gevangenis. Het liefst zou ze de hele dag met Senta door het park rennen en in de bibliotheek boeken lezen, maar dat kan natuurlijk niet. De wereld is niet afgestemd op mensen met autisme.



Toch is de vrijheid sterker dan de regels. Door de jaren heen weet Jasmijn een weg te vinden waarin ze school overleeft, zonder daardoor volledig overspannen te raken. Ze creëert haar eigen regels en blijft daarmee dicht bij zichzelf. Door zich in de pauzes af te zonderen en een eigen lesschema aan te houden, waarbij ze veel lessen overslaat, wurmt ze zich door de jaren heen. Ze creëert haar eigen lesprogramma door in de bibliotheek boeken te lezen.

Overprikkeling en migraine

Zodra Jasmijn zich aan het normale leven probeert aan te passen, ligt overprikkeling op de loer, bijvoorbeeld in de te drukke klas of op een verjaardagsfeestje. Judith Visser weet overprikkeling ontzettend realistisch te omschrijven:

“Ik zat op de grond in de poppenhoek en drukte mijn handen tegen mijn oren. De vloer dreunde van Ramons gestamp. Zijn rode trui flitste voor mijn ogen, dezelfde kleur als die van de brandweerwagen in Colettes handen en de wangen van Mathilde. De hele wereld was rood, en de kleur sloeg tegen mijn hersenen. Bam-bam-bam. Ik kneep mijn ogen dicht. Mijn handen bedekte nog steeds mijn oren, maar de herrie sijpelde er als zand tussendoor. Iemand stootte tegen mijn schouder en rende stampend weg. De trillingen van de grond kropen in mijn lichaam. Mijn tanden klapperden.

Ta-toe! Tatoe!

Geef hier!

Pak me dan!

Hahaha!

Ik trok mijn knieën op, drukte mijn hoofd ertussen en vouwde mijn armen er als een dakje boven. Voorzichtig hief ik mijn gezicht op en opende mijn linkeroog op een kiertje. De heen en weer springen vlekken waren niet alleen rood meer, maar ook paars. Blauw. Felgeel. De wereld was een kleurplaat, en alle vakjes ontploften. Pats-pats-pats” (Visser, 11-12).

Ik heb zelf veel ervaring met overprikkeling en herken de signalen daarom heel goed, maar nog nooit heb ik het in een boek zo gevoeld. Het was net alsof ik Jasmijn was, die het allemaal te veel werd.

Eindelijk bestaat er een boek waarin mensen zonder autisme daadwerkelijk kunnen voelen hoe het is om overprikkeld te raken. Het is iets wat bijna niet uit te leggen valt, wat je moet ervaren. In Zondagskind lukt dat.

Door het niet kunnen verwerken van grote hoeveelheden prikkels heeft Jasmijn geregeld migraineaanvallen. Ook deze momenten worden levensecht beschreven.

Contrast tussen normaal en anders

Het contrast tussen normaal zijn en anders komt in Zondagskind steeds naar voren. Jasmijn vergelijkt zich vaak met Normale Jasmijn, een fictieve versie van zichzelf zonder autisme. Normale Jasmijn zou bijvoorbeeld wel spontaan mensen groeten, naar verjaardagsfeestjes gaan zonder migraine te krijgen en in de aula op school met groepjes leeftijdsgenoten staan babbelen.

“Waaróm kon ik niet zoals mijn nichtjes zijn en lachend aan een tafeltje zitten? Waaróm kon ik niet zoals mijn moeder vrolijk dansen op de muziek, met mijn jurk zwierend om mijn lichaam? Waaróm was ik zo totaal anders dan iedereen in het hele gebouw?” (Visser, 128)

“Normale Jasmijn was nog steeds op de dansvloer. Bij de onvermijdelijke polonaise die elk moment kon losbarsten, zou ze voorop lopen, één hand zwaaiend in de lucht. Ze zou me wenken. Me roepen om mee te doen” (Visser, 128).

Tijdens deze vergelijkingen wordt pijnlijk duidelijk dat Jasmijn niet als normaal wordt beschouwd, dat ze anders is. Zelf heb ik mij ook altijd anders gevoeld door mijn autisme. Dit boek is dan ook een wereld van herkenning, die mij tot op het bot raakt. Ook ik werd vaak niet begrepen of een aansteller genoemd. Ook ik paste op school niet in de groep.



Ook als je geen autisme hebt, zal je mogelijk dingen uit je schooltijd herkennen: de kliekjes in de klas, de rangorde, het gepest en het er niet bij horen. Daarnaast krijg je een realistisch beeld van wat iemand met autisme allemaal ervaart: dat communicatie helemaal niet zo vanzelfsprekend is, dat iemand met autisme daar verschrikkelijk mee kan worstelen en over alles nadenkt. De buitenkant is slechts een schil. Binnenin gebeurt zo ontzettend veel, en dat ervaar je in dit boek.

Aangeleerd gedrag

Door de jaren heen weet Jasmijn zich beetje bij beetje vaardigheden bij te brengen om in het leven mee te komen. Door zich Normale Jasmijn in te beelden, weet ze hoe ze zich in theorie zou kunnen gedragen. Zo oefent ze bijvoorbeeld voor de spiegel hoe ze anderen spontaan kan groeten, iets wat bij neurotypische mensen vanzelf gaat. Ook de poster van Elvis in haar kamer vormt het oefenmateriaal voor sociaal contact. Beetje bij beetje leert ze maniertjes om normaal over te komen, als een rol die ze in het echte leven aanneemt.

Chronologische opbouw

Zondagskind heeft een grotendeels chronologische opbouw, waardoor je Jasmijns jeugd stap voor stap doorloopt. Als iemand met autisme vind ik dat heerlijk. Ik weet precies waar ik in het verhaal ben en de paar kleine flashbacks brachten mij niet in de war.

Steeds was ik benieuwd hoe het verhaal verder zou gaan. Hoe zal Jasmijn zijn als ze ouder is? Zal ze verkering krijgen? Wat voor werk gaat ze doen en lukt het dan om te functioneren? Ook deze vragen worden uiteindelijk beantwoord.

Niet weg kunnen leggen

Voor het eerst in tijden heb ik weer een boek gelezen wat ik gewoonweg niet weg kon leggen. Jasmijns persoonlijkheid intrigeerde me zo veel dat ik steeds wilde weten hoe het verder ging, wat ze allemaal mee zou maken en zou denken.

Nog nooit heb ik zoveel in een persoon herkend, alsof ik mijn eigen jeugd herbeleefde, alsof ik Jasmijn was. Dit boek heeft me dan ook diep geraakt. Opnieuw voelde ik de pijn van vroeger, van het er niet bij horen en het overleven op school. Voor mij was het dan ook een stukje verwerking. Behalve dat heb ik ook gelachen, om telefoonboeken die uit het raam werden gesmeten en kleine blunders.

Niet alleen mensen met autisme beveel ik Zondagskind aan; juist mensen zonder autisme zouden dit boek moeten lezen. Je hoort zoveel over autisme, maar je zou het eens moeten ervaren. Pas dan kun je echt begrijpen waarom het leven soms zo zwaar is voor mensen met autisme, wat er allemaal achter schuilgaat.

Ik weet dat ik bij een recensie ook negatieve punten moet benoemen, maar ik kan simpelweg niets negatiefs bedenken.

Zondagskind is nu te koop

 

(met dank aan Harper Collins)

 

Heb jij Zondagskind gelezen? Wat vind jij ervan en is het voor jou ook zo herkenbaar?

Comments

  1. Wow, het heeft echt indruk op je gemaakt hè? Heel goed verslag, en wat bijzonder dat het als verwerking diende voor jou. Wat is de rol van vogels eigenlijk; gezien de kaft en de achternaam? Vrijheid, ontsnappen uit een kooi? Mooi stukje van die kleurplaat trouwens: “De wereld was een kleurplaat, en alle vakjes ontploften.” <3

    • Dank je wel!

      Ik vermoed dat de vogels in kooien inderdaad duiden op gevangen zitten in een kooi en uiteindelijk ontsnappen. Voor Jasmijn voelde school als een gevangenis en de buitenwereld als vrijheid.